Profiel: Ella Fitzgerald en ‘Get Happy’

De Maand van de Geschiedenis in oktober 2017 stond in het teken van geluk. Queen of jazz Ella Fitzgerald (1917-1996) zong in het begin van haar carrière de bekende spiritual Get Happy en het werd een van haar grote hits. Het voert terug op 19de eeuwse Amerikaanse spirituals en het past bij haar verbale en auditieve manier van liedcultuur horen en zelf onmiddellijk vertolken. Ella was geen geschoolde musicus en kon geen nootschrift lezen, maar elke melodie die ze hoorde kon ze – hoe ingewikkeld ook – meteen zingen. Ze was weinig tekstvast en improviseerde gemakkelijk. Vermoedelijk zal het voor meer Afro-Amerikanen hebben gegolden van haar generatie.

Door Renate van de Weijer

Ella Fitzgerald

Niet alleen in de auditief-orale liedtraditie was ze een bijzonder getalenteerd kind van haar cultuur, ze vertolkte ook inhoudelijk en woordelijk herinneringen aan de cottonfields in de zuidelijke staten van de VS. Summertime dat ze op een onvergetelijke manier met Louis Armstrong zong is eveneens een voorbeeld van deze traditie, al ligt aan dit lied het script ten grondslag van gearriveerde componisten George en Ira Gershwin (1935). Summertime vertolkt eveneens de herinnering aan de cottonfields maar op een westers geschoolde wijze. Het gaat niet om het Afro-Amerikaanse auditieve erfgoed zelf, maar in essentie om westerse cultuur over Afro-Amerikanen.

Get Happy begint met de zacht ingezette frases ‘Halleluja, halleluja, come you sinners gather around. Halleluja, halleluja, all you sinners I’ve found. A land where the worries forever are free. Come you sinners and just follow me.’

Ella Fitzgerald and Sarah Vaughan

Voor mensen die zijn opgevoed in westerse liedcultuur en die het lied voor het eerst beluisteren, vooral in de jaren ’50 (of als het een oudere spiritual is wellicht al eerder) moet het een volslagen verwarrend lied zijn geweest. De eerste frases en de manier waarop het wordt ingezet doen namelijk denken aan de spotliedjes die op missen werden gemaakt en die in de westerse cultuur bekend zijn vanaf de 18de eeuw. Het waren liedjes die horen bij feestcultuur en carnaval en die in Nederland algemeen waren tot de tweede wereldoorlog en hier en daar nog later. Door een parodie op een echte mis te maken namen mensen in Europa – platteland? – de dagelijkse realiteit en de forse greep van de kerk op de samenleving voor een moment niet zo serieus. Ook deze spotmissen vertolken vaak een oproep aan de zondaars – in plaats van aan het devote volk –  om de leider van het feestgedruis als ging het om een priester en zijn ‘kudde’ te volgen.

Vervolgens komt de diva of swing echt los en aanvankelijk denkt de luisteraar nog dat hij het lied goed interpreteert totdat de woorden haleluja, judgement day, lord en promised land vallen. En dan is duidelijk dat het lied ondanks zijn stevige swing toch religieus van aard is. Voor christenen in de jaren ’50 in Europa moet dit een cultuurchock zijn geweest.

Ook de onderliggende moraal is anders: hier spreekt een vrolijker godsbesef dan veel mensen in Europa omstreeks 1950 gewend waren. Het lied getuigt van oprecht religieus besef en tegelijkertijd vertolkt het de opvatting dat het voldoende is om je moeilijkheden te vergeten en gewoon gelukkig te zijn. Een biecht is niet nodig. Vertrouwen hebben in God is voldoende. Het getuigt van spiritueel leven en eigen verantwoordelijkheid, van doorgeven van tradities zonder drukkende gevolgen van slachtofferschap. Deze houding die kenmerkend was voor de manier waarop Ella zelf en de kringen om haar heen in het leven stonden blijkt ook uit de film ‘Ella Fitzgerald. Something to live for’, 1999.

Dat deze spirituals een inspirerend effect hadden op bandjes van jongeren in Europa in de jaren 50 is bekend; beat en rock’n roll. Hen ging het daarbij in eerste instantie om de muziek, niet om de strekking. Zij zouden de religiositeit loslaten en de muziek verder ontwikkelen.

Ella en haar band hebben in de jaren ’30-‘50 nog volop te maken gekregen met rassendiscriminatie. Zo succesvol en gearriveerd als ze waren werd hen in sommige Amerikaanse steden het kopen van een hamburger geweigerd. En meer fundamenteel kon Ella pas door haar ‘onzichtbare plafond’ doorbreken en een succes bereiken zoals de blanke Peggy Lee nadat Frank Sinatra met haar optrad. Mogelijk hebben ook nummers waarin de jazz-melody meer sofisticated wordt gevormd door virtuoze piano en bas – in plaats van een afrika-amerikaans swingende band – bijgedragen. Ella moest muzikaal verdisneyen – de ruige, ongepolijste kantjes moesten eraf – en symfoniseren om door te breken in de muziekcultuur die nog ver in de twintigste eeuw werd bepaald door blanken. Mogelijk hebben Ella en Louis de muzikale implicaties hiervan niet betreurd – er wordt op geen enkele manier op gezinspeeld in de film – want het waren interessante muzikale ontwikkelingen, interessante wegen om te bewandelen. Ella was wel precies in de muzikale ruimte die ze nodig had om creatief te zijn.

Forget your troubles  and just get happy. You’d better chase all your troubles away.

Sing Haleluja, come on, get happy. Get ready for the Judgement Day. The sun is shining. Come on, get happy. The lord is waiting to take your hand. … We’re going to the Promised Land.  

Leave a Reply

Required fields are marked*